Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud
Alle bronnen

Jan Willem Vredenberg van der Horst: Jan Vredenberg v.d.Horst (1)

De auteur, een student, meldt zich voor de arbeidsinzet. Hij gaat mei 1943 via Ommen per trein naar Rehbrücke en verder met de tram tot Potsdam. Het eten en de behandeling onderweg zijn goed. Per trein gaat hij via Berlijn naar Bernau-Anglersruh. Hier werkt hij in een fabriek van de firma Bergmann, gelegen in de bossen. Er worden granaathulzen gemaakt. Huisvesting is in een villa. Hij moet de machines en arbeiders controleren. Zondags is vrij. Gegeten wordt er in de kantine. Het eten is goed. Bij de Zweedse ambassade, die de Nederlandse belangen behartigt, heeft hij een Schutzpass gehaald. Bij luchtalarm wordt de stemming erin gehouden door gezamelijk te zingen. Er werken Nederlanders, Fransen en Russen. Machines zijn veel defect. Hij vertelt over zijn Nederlandse lotgenoten en informeert naar de toestand van zijn moeder, stelt haar gerust en bedankt voor de vele brieven en pakjes. Per week schrijft hij tweemaal. Hij wast en stopt sokken ("een verschrikking"). Bij een bombardement op Berlijn vluchten Nederlandse studenten naar hen toe omdat hun houten barakken in vlammen zijn opgegaan. In Berlijn gaat hij naar tentoonstellingen, de bioscoop of naar muziekuitvoeringen. Hij eet broodjes en taart of koopt boeken. Berlijn wordt in september 1943 gebombardeerd. Zijn paspoort heeft hij teruggegregen. Sinds kort is er melk. Het eten en de huisvesting zijn in orde, hij gaat iedere dag op zijn werk onder de douche. Hij koopt in Berlijn werkschoenen van een gekregen bon. Zijn moeder stuurt hem een kist appelen voor zijn éénentwintigste verjaardag. De herfst in de bossen is prachtig. Tegen de winter verslechtert het eten tijdelijk. Sommige verlofgangers komen niet terug van hun verlof. Daarom moeten de achterblijvers borg staan. Hij verveelt zich op z'n werk, gaat weer boekhouden. Als hij wordt overgeplaatst naar de afdeling chemie praat hij met Duitse studenten over politiek. Na de volgende overplaatsing is hij monteur geworden. De auteur, een student, meldt zich voor de arbeidsinzet. Hij gaat mei 1943 via Ommen per trein naar Rehbrücke en verder met de tram tot Potsdam. Het eten en de behandeling onderweg zijn goed. Per trein gaat hij via Berlijn naar Bernau-Anglersruh. Hier werkt hij in een fabriek van de firma Bergmann, gelegen in de bossen. Er worden granaathulzen gemaakt. Huisvesting is in een villa. Hij moet de machines en arbeiders controleren. Zondags is vrij. Gegeten wordt er in de kantine. Het eten is goed. Bij de Zweedse ambassade, die de Nederlandse belangen behartigt, heeft hij een Schutzpass gehaald. Bij luchtalarm wordt de stemming erin gehouden door gezamelijk te zingen. Er werken Nederlanders, Fransen en Russen. Machines zijn veel defect. Hij vertelt over zijn Nederlandse lotgenoten en informeert naar de toestand van zijn moeder, stelt haar gerust en bedankt voor de vele brieven en pakjes. Per week schrijft hij tweemaal. Hij wast en stopt sokken ("een verschrikking"). Bij een bombardement op Berlijn vluchten Nederlandse studenten naar hen toe omdat hun houten barakken in vlammen zijn opgegaan. In Berlijn gaat hij naar tentoonstellingen, de bioscoop of naar muziekuitvoeringen. Hij eet broodjes en taart of koopt boeken. Berlijn wordt in september 1943 gebombardeerd. Zijn paspoort heeft hij teruggegregen. Sinds kort is er melk. Het eten en de huisvesting zijn in orde, hij gaat iedere dag op zijn werk onder de douche. Hij koopt in Berlijn werkschoenen van een gekregen bon. Zijn moeder stuurt hem een kist appelen voor zijn éénentwintigste verjaardag. De herfst in de bossen is prachtig. Tegen de winter verslechtert het eten tijdelijk. Sommige verlofgangers komen niet terug van hun verlof. Daarom moeten de achterblijvers borg staan. Hij verveelt zich op z'n werk, gaat weer boekhouden. Als hij wordt overgeplaatst naar de afdeling chemie praat hij met Duitse studenten over politiek. Na de volgende overplaatsing is hij monteur geworden. zie ook nr 1651. Veel brieven zijn aan verlofgangers meegegeven en zijn dus niet gecensureerd. Ze hebben niet het adres van zijn moeder. Hierin vertelt hij de toestand, zoals hij die werkelijk ervaart. Als bijlage zijn foto's ingesloten van tewerkgestelden in Bernau. Een andere lijst geeft naam, adres en telefoonnummer (opgemaakt in 1985). In de agenda staat een lange rij met namen en adressen. De gegevens van de beschrijving komen uit de brieven van Jan aan zijn moeder. Uit een bijgevoegd chronologisch overzicht, keert de auteur pas op 13 juni 1945 terug in Nederland

Collectie
  • Collectie 244: Europese dagboeken en egodocumenten
Type
  • Dagboekje (1), brieven van Jan aan zijn moeder in Amsterdam met bijlagen (2) en brieven van moeder aan Jan (3) (handgeschreven tekst in kleine Duitse agenda (1), handgeschreven tekst op bloknotepapier (2 en 3))
Identificatienummer van NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies
  • 1650
Disclaimer over kwetsend taalgebruik

Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer

Ontvang onze nieuwsbrief
De Oorlogsbronnen.nl nieuwsbrief bevat een overzicht van de meest interessante en relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
WO2NETMinisterie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Vijzelstraat 32
1017 HL Amsterdam

info@oorlogsbronnen.nlPers en media
Deze website is bekroond met:Deze website is bekroond met 3 DIA awardsDeze website is bekroond met 4 Lovie awards