Tekst 'Maar eenmaal komt de tijd' door Jeroen Förster over zijn vader Paul Förster.
Tekst 'Maar eenmaal komt de tijd' door Jeroen Förster over zijn vader Paul Förster. Onder andere wordt beschreven hoe zijn vader er in slaagde om zijn hond, een dobermann genaamd Juno, wist te beschermen tegen een vordering door de bezetter, en illegale samenkomsten van de verkenners (padvinders). Paul Förster was tijdens de oorlog werkzaam bij de geneeskundige dienst van de Luchtbeschermingsdienst. Hij woonde en werkte in het centrum van Nijmegen en verleende o.a. geneeskundige hulp tijdens het bombardement en toen Nijmegen van september 1944 tot februari 1945 in de frontlinie lag. Hij zat tevens bij de padvinderij en werkte tijdens de oorlog mee aan illegale bijeenkomsten van de padvinders. Onderdeel van de Collectie Förster-VanLijpzigh (11.42), bijlagen bij deze tekst zijn 11.42.24 t/m 11.42.25
- Collectie Förster-VanLijpzigh
- document
- Schriftelijke bronnen
- 11.42.23
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer
